Wedstrijd reglement

ARTIKEL 1 – COMPETITIES

  1. In de periode van 1 september tot 1 juni van het daaropvolgende jaar wordt een competitie georganiseerd, hierna te noemen de “officiële competitie”.
  2. Wanneer de bond andere competities organiseert dan de officiële, wordt zulks medegedeeld in het officieel orgaan.
  3. De bond deelt eveneens mede in hoeverre de regels van de niet-officiële competitie afwijken van die van de officiële competitie.
  4. Daarnaast zal de DBMN-toernooien organiseren waarvan de regels in dit reglement zijn vastgelegd.

ARTIKEL 2 – BEPALING.

Alle hierna volgende artikelen hebben betrekking op de officiële competitie en waar genoemd op de toernooien.

ARTIKEL 3 – ORGANISATIE VAN DE OFFICIELE COMPETITIE

  1. De DBMN organiseert de officiële competitie. Zij kent hiervoor één of meerdere divisies. Als richtlijn geldt dat de divisieopbouw piramidaal moet zijn.
  2. Elke divisie kan ten hoogste uit veertien teams bestaan.
  3. Elk team zal ernaar streven een zo hoog mogelijke plaats in de eindrangschikking in te nemen. Tevens is elk team verplicht zich aan het promotie- en degradatiereglement te onderwerpen.
  4. Het bestuur maakt voor de aanvang van de competitie het promotie- en degradatiereglement bekend.
  5. Het bestuur kan een wedstrijdcommissie benoemen, die bestaat uit een voorzitter (competitieleider) en twee of meer leden.
  6. De wedstrijdcommissie of competitieleider stelt het wedstrijdschema vast, verzamelt de uitslagen van de wedstrijden, maakt de rangschikking van elke divisie en toetst het verloop van de competitie aan de regelgeving. Publicatie van een rangschikking dient regelmatig te geschieden.

ARTIKEL 4 – DEELNAME OFFICIËLE COMPETITIE

  1. Deelname aan de officiële competitie is uitsluitend mogelijk voor teams van minimaal vijf geregistreerde spelers met een maximum per team van negen spelers.
  2. Uit hun midden wijzen de voor een team geregistreerde spelers een captain aan, welke geacht wordt aan de uit deelname aan de competitie voortvloeiende verplichtingen van het team te voldoen.
  3. a.    Inschrijving van een team gebeurt door de captain genoemd in artikel 4 lid 2 en is pas geldig, indien het contributiegeld van alle ingeschreven teamleden op de daarvoor bestemde rekening is gestort.
    b.    Inschrijvingen en betalingen van de contributie van teams welke deel uitmaken van een buitengewoon lid vallen onder de verantwoordelijkheid van het bestuur van dat buitengewone lid.
  4. a.    Indien een team wordt ingeschreven door een buitengewoon lid, dan is het mogelijk om voor het betreffende team een wildcard aan te vragen. Het team wordt dan in het bezit gesteld van een stamkaart welke als wildcard is gekenmerkt. Een wildcard telt mee voor het maximum van negen spelers.
    b.    Naast deze stamkaart worden maximaal drie jaarkaarten verstrekt, welke van een pasfoto worden voorzien. Per wildcard kunnen dus maximaal drie leden van het buitengewone lid voor het betreffende team aan de competitie deelnemen.
    c.    Elke voor een wildcard geregistreerde speler is slechts voor maximaal negen wedstrijden speelgerechtigd. De captain van het betreffende team dient dit op de jaarkaart van de speler bij te houden. Na acht keer is de betreffende speler dus automatisch niet meer speelgerechtigd en dient de jaarkaart aan de wedstrijdleiding te worden ingezonden.
    d.    Op een wildcard zijn gedurende het seizoen géén mutaties mogelijk. Er kan alleen van aanvulling sprake zijn als het maximum van drie spelers nog niet is bereikt. Per team is slechts één wildcard mogelijk.
  5. Indien een gewoon lid, erelid, lid van verdienste c.q. lid-wedstrijdofficial aan de officiële competitie wenst deel te nemen dient bij inschrijving te worden vermeld voor welk team men wenst uit te komen.
  6. Indeling in het gewenste team geschiedt uitsluitend met toestemming van de captain van dat team.
  7. Indien een team deel uitmaakt van een buitengewoon lid dient de toestemming als bedoeld in lid vier gegeven te worden door het buitengewoon lid.

ARTIKEL 5 – VOORWAARDEN

Het bestuur kan aan de inschrijving voorwaarden verbinden, in het bijzonder voor wat de naam van het team betreft.

ARTIKEL 6 – TEAMS

  1. Een team dat een naam heeft gekozen die betrekking heeft op een fysische karakteristiek van haar spelers en die door het bestuur is geaccepteerd, moet de naam respecteren.
  2. De teamleden moeten in het bezit zijn van een van een handtekening voorziene registratiekaart, zonder welke niet gespeeld mag worden.
  3. Een speler die is geregistreerd voor een team, mag niet voor een ander team spelen, met uitzondering van het bepaalde in artikel 7 lid 5.
  4. a.    Een speler mag ten hoogste eenmaal per competitie van team wisselen. Wisseling van team is pas mogelijk na de eerste 4 speelweken van het seizoen. De wijziging treedt pas in werking indien de registratiekaart wordt gewijzigd en gewaarmerkt door het orgaan dat deze kaart heeft uitgegeven.
    b.    Een speler die reeds staat geregistreerd voor een team dat aan de officiële competitie deelneemt, kan niet ingeschreven worden bij een team dat aan de voorjaarscompetitie wenst deel te nemen.
    c.    Spelers van teams welke de officiële competitie niet af hebben gemaakt (al dan niet zelf gestopt of uit de competitie genomen) zijn niet meer speelgerechtigd voor andere teams.
  5. Teamwijziging kan niet meer plaats vinden gedurende de laatste zes speelweken van de competitie, behoudens door het bestuur te verlenen dispensatie.
  6. Teamwisseling van een speler van een hogere naar een lagere divisie tijdens de competitie (inclusief de eventueel georganiseerde voorjaarscompetitie welke als laagste divisie geldt), kan uitsluitend met toestemming van het bestuur. Hiertoe dient men schriftelijk goedkeuring te vragen aan het bestuur. Het bestuur beoordeelt deze dispensatieaanvraag.
  7. a.    Indien slechts één groep spelers van een bestaand team aanspraak maakt op de divisieplaats van dat team, kunnen zij die plaats behouden als zij met minimaal drie spelers aanspraak maken op die plaats. Indien meerdere groepen spelers aanspraak maken op de divisieplaats dan wordt deze toegewezen aan de groep die de absolute meerderheid van de leden van een team vormt.
    b.    Is er geen absolute meerderheid van de leden van een team en de stemmen staken, dan geldt de uitgebrachte stem van de captain voor twee stemmen.
    c.    De overige leden van het team die onder dezelfde naam, in dezelfde of in een andere speelgelegenheid, blijven of gaan spelen, worden geacht zich als nieuw team in te schrijven.
    d.    Blijkt bij inschrijving voor een nieuw seizoen het team niet te voldoen aan de onder lid a, b en c genoemde voorwaarden, dan wordt het team beschouwd in te schrijven als nieuw team.
  8. a.    Het gestelde in lid 7 sub a, b, c en d is niet van toepassing op teams welke onderdeel uitmaken van een buitengewoon lid.
    b.    Buitengewone leden hebben het recht hun teams in te laten delen in divisies waarop zij op grond van het voorgaande seizoen behaalde resultaten recht menen te hebben. Hiertoe zal de wedstrijdcommissie een voorstel van indeling doen van de aangesloten teams met inachtneming van de rechten welke zij kunnen ontlenen aan de in het voorgaande seizoen behaalde resultaten en alle van toepassing zijnde reglementen. Tevens is het uitgangspunt van indeling van dergelijke teams van buitengewone leden dat zij in eerste instantie de plaatsen waar zij recht op hebben van bovenaf (hoogste niveau) zullen opvullen. Indien het buitengewone lid gegronde redenen heeft om van het door de wedstrijdcommissie geleverde voorstel af te wijken, kan zij een van argumenten voorzien tegenvoorstel doen. Indien de wedstrijdcommissie dit tegenvoorstel in strijd acht met belangen van de dartssport in het algemeen, dan heeft zij het recht om in overleg met het betrokken buitengewone lid van hun tegenvoorstel af te wijken.
    c.    Een team dat toetreedt tot een buitengewoon lid dient bij inschrijving de absolute meerderheid in het team in te schrijven bij het buitengewone lid om de rechten te behouden die men heeft verworven. Toetreden tot een buitengewoon lid kan alleen bij inschrijving voor een nieuw seizoen.
  9. a.    Een team dat zich als een nieuw team inschrijft, start zijn competitie in principe in de laagste divisie, men kan een verzoek bij inschrijven indienen voor het mogen in stappen in een hogere divisie. Op basis van het Dynamisch spelsterkte systeem van de spelers in het team zal dan beoordeeld worden of dit verzoek terecht is en indien er teams niet ingeschreven zijn die recht hadden op een hogere divisieplaats, kunnen worden gehonoreerd.
    b.    Teams dienen gedurende het gehele seizoen uit ten minste vijf spelers te bestaan. Gedurende het seizoen kunnen er dus geen spelers naar een ander team overgeschreven worden indien in het team daardoor minder dan vijf spelers overblijven.

ARTIKEL 7 – INVALLER

  1. Een team mag in een wedstrijd gebruik maken van twee invallers welke geregistreerd moet zijn voor dat team.
  2. De invaller(s) mag/mogen pas worden ingezet na afloop van een partij. Onder partij wordt bedoeld: een singlepartij, een koppelpartij, de teamgame of (alleen voor eredivisie) de gehele Round Robin.
  3. De speler(s) die door de/een invaller(s) is/zijn vervangen, mag/mogen niet meer deelnemen aan de wedstrijd nadat de wedstrijd is voortgezet.
  4. De aankondiging van het inzetten van de/een invaller(s) dient voorafgaand aan een partij te geschieden.

Uitzondering voor buitengewone leden:

5   a.    Voor teams, welke zijn aangesloten bij een buitengewoon lid, bestaat de mogelijkheid hun spelers uit te lenen aan andere teams van het betreffende buitengewone lid, die in eenzelfde of hogere divisie uitkomen, behoudens bij wedstrijden in het kader van de divisiekampioenschappen, beslissingswedstrijden en/of promotie/degradatiewedstrijden.
b.    Het uitlenen kan alleen plaatsvinden nadat de captains van beide teams hierover tot overeenstemming zijn gekomen.
c.    Het uitlenende team mag niet behoren tot dezelfde poule als het inlenende team (de teams welke in de eredivisie uitkomen, lenen dus geen spelers uit).
d.    De captain van het uitlenende team dient hiervan onverwijld de wedstrijdleider van zijn divisie in kennis te stellen.
e.    De betreffende speler is slechts éénmaal per speelweek speelgerechtigd en kan dus in de betreffende speelweek niet meer voor zijn eigen team uitkomen.
f.     Het uitlenen van spelers is alleen mogelijk indien het uitlenende team hierdoor het minimaal noodzakelijk aantal spelers behoudt om alle partijen in een wedstrijd te kunnen spelen. Een team mag maximaal 2 leden inlenen per wedstrijd bij een team van 4.

ARTIKEL 8 – GERECHTIGDE SPELERS

  1. Een speler is gerechtigd voor een team aan een wedstrijd deel te nemen indien men een geldige registratiekaart kan overleggen. (Artikel 6 lid 2).
  2. Indien een team dat aan een competitiewedstrijd heeft deelgenomen een hiertoe niet gerechtigde speler heeft opgesteld wordt gestraft (tuchtreglement artikel 16 lid n).

ARTIKEL 9 – CONTROLE REGISTRATIEKAARTEN

  1. Controle van registratiekaarten dient te geschieden door de captains, voorafgaande aan de wedstrijd (of voorafgaande aan de partij indien een van de spelers later arriveert).
  2. Controle van de registratiekaarten kan geschieden door controleurs, te weten:
    a.   het bestuur;
    b.   de door het bestuur daartoe speciaal aangewezen personen conform hetgeen gesteld in het reglement van wedstrijdofficials.
  3. Controleurs moeten zich als zodanig kunnen legitimeren.

 

ARTIKEL 10 – MATERIELE BEPALINGEN

1.   Het dartsbord moet voldoen aan de volgende eisen:
a.   in goede staat, zonder beschadigingen;
b.   volkomen vlak;
c.   de draden moeten goed zichtbaar zijn en niet glimmend;
d.   de nummering aanwezig en op de voorgeschreven wijze aangegeven;
e.   de dubbel 20 moet rood zijn.
f.    de baan moet dusdanig zijn aangelegd dat deze geen gevaar oplevert voor alle aanwezigen. Dit is ter beoordeling van de door het bestuur aangewezen Baancontroleur.

2.   Het middelpunt van het dartsbord moet zich op een hoogte van 1,73 meter (+ of – ½ cm) bevinden, vertikaal gerekend ten opzichte van de werplijn.

3   a.    De achterkant van de werplijn moet zich op 2,37 meter bevinden, horizontaal gerekend ten opzichte van de voorkant van het dartsbord. De werpafstand begint achter de werplijn.
b.    De werplijn wordt duidelijk aangegeven door een drempel. De hoogte van de drempel bedraagt tussen de 3,5 en 6 cm. De lengte bedraagt minimaal 60 cm.
c.    Indien er tussen werplijn en dartsbord een stenenvloer aanwezig is, dient hierop een beschermende laag aangebracht te worden met een minimale breedte van 120 cm.
d.    Rondom het bord dient er voldoende pijlbeschermende materiaal aanwezig te zijn.

Dartbaan afmetingen4   a.    De spelers moeten tijdens de partij op de hoogte zijn van de score. Deze wordt aangetekend op een scorebord voor de in lid 2 vermelde werplijn. Dit scorebord moet bij voorkeur naast het dartsbord zijn opgehangen.
b.    Rondom de speler moet zodanig veel ruimte aanwezig zijn, (minimaal 1.6 m) dat de spelers ongehinderd kunnen spelen.
c.    Hiertoe dient, gerekend vanaf het centrum van de werplijn, minimaal 1 meter vrije ruimte aan alle zijden beschikbaar te zijn.

5   a.    Het dartbord moet zijn voorzien van een goede verlichting, welke bijvoorbeeld geleverd kan worden door tenminste twee spots, een TL-balk of LED-verlichting. De verlichting moet zodanig zijn opgehangen, zodat deze geen verblindende uitwerking heeft op spelers/scheidsrechters. De gemeten lichtsterkte op de triple 20, triple 16 en triple 15 moet minimaal 600 lux zijn. De gemeten lichtopbrengst moet zo gelijkmatig mogelijk verdeeld zijn over het bord. De toegepaste kleur moet tussen de 2700 en 3000 Kelvin liggen, voor een licht bord gaat de voorkeur uit naar 2700 Kelvin en voor een geel bord 3000 Kelvin. De verlichting moet dusdanig opgesteld worden dat er geen of een minimale schaduw zichtbaar is als de pijlen in het bord staan, dit ter beoordeling van de DBMN.
b.    De opstelling van de verlichting mag de darter op geen enkele wijze fysiek hinderen of belemmeren bij zijn worp. Daarnaast moet de schrijver elk vak op het dartsbord dat punten oplevert kunnen zien vanaf zijn/haar plaats. Tenslotte moet ook het schrijfbord op zodanige wijze verlicht zijn dat het voor de spelers duidelijk zichtbaar is.
surround afmetingenc. Indien er gebruik wordt gemaakt van zogenaamde ‘surround verlichting’ dan dient de gemeten lichtsterkte op de trippel 20, trippel 16 en trippel 15 minimaal 300 lux te zijn.
Daarnaast dient de verticale afstand van de bull tot de rand van de surround, zoals weergegeven op de afbeelding rechts, minstens 30 centimeter te zijn bij een diepte van 9,5cm of kleiner.  Elke 0,5 cm diepte extra geeft een stijging van 1 cm betreffende de minimale verticale afstand van de bull tot de rand van de surround.

ARTIKEL 11 – DARTS EN KLEDING

  1. Elk soort darts kan worden gebruikt, voor zover hun lengte niet meer is dan 30.5 cm en hun gewicht niet meer is dan 50 gram.
  2. Een team dat speelt in de ere- ofwel eerste divisie dient herkenbaar te zijn door middel van uniforme kleding (minimaal shirts met kraag).

ARTIKEL 12 – ROKEN

  1. De ruimte waar de dartswedstrijden plaatsvinden dient een uur voor tot een half uur na de wedstrijd rookvrij te zijn.

ARTIKEL 13 – DATUM EN TIJD

  1. De competitieweek loopt vanaf maandag tot en met vrijdag daaropvolgend. Wedstrijden in de jeugdcompetitie kunnen ook op zaterdag of zondag gespeeld worden.
  2. a.    Wedstrijden vinden plaats op de dag waarop de wedstrijd is uitgeschreven, in de geregistreerde locatie van het thuisspelende team. Is een wedstrijd niet gespeeld op die dag en in die locatie, dan is het tuchtreglement artikel 15 lid g van toepassing. Eén en ander met uitzondering van het geval waarin, te bepalen door de door het bestuur aangewezen personen, sprake is van overmacht.
    b.    In geval van overmacht dient de wedstrijd gespeeld te worden op een in samenspraak met betreffende captains en wedstrijdleider vastgestelde dag binnen een periode van één week voor en één week na, de geplande speeldag. Ook een locatiewijziging met een niet-permanent karakter dient in overleg met de captains en de wedstrijdleider vastgesteld te worden. Hiervan kan alleen afgeweken worden indien een door het bestuur aangewezen persoon dit wenselijk acht. Dit geheel ter beoordeling aan deze persoon.
  3. Uitslagen dienen uiterlijk op de maandag na de speeldatum om 18:00 uur in het online wedstrijdregistratiesysteem (www.dbmn.nl) volledig zijn ingevuld.
  4. De aanvang van de competitiewedstrijd is voor:
    a.    senioren 20.00 uur,
    b.    junioren tussen 10:00 uur en 16.00 uur, met dien verstande dat de wedstrijd om 18.00 uur beëindigd moet zijn.
  5. Het desbetreffende wedstrijddartsbord moet minimaal een half uur voor aanvang van de wedstrijd voor het inwerpen beschikbaar zijn. Het bezoekende team moet in de gelegenheid worden gesteld minimaal een kwartier op dit wedstrijdbord in te werpen. Indien deze gelegenheid niet geboden wordt, mag het uitspelende team de wedstrijd claimen, voor zover melding is gemaakt op het wedstrijdformulier. Het bezoekende (of uitspelende) team moet dan wel ruimschoots op tijd voor de aanvangstijd van de wedstrijd aanwezig zijn.

ARTIKEL 14 – AFWEZIGHEID

  1. Een team dat te laat komt (d.w.z. niet op de gestelde tijden als in artikel 13 sub 4a en b) verliest van rechtswege de wedstrijd, voor zover van het te laat komen melding is gemaakt op het wedstrijdformulier door de captain van de tegenpartij en dit bevestigd is door getuigen.
  2. Een wedstrijd kan worden aangevangen met een onvolledig team bestaande uit 3 spelers. De ontbrekende speler(s) moet(en) echter tijdig aankomen om een wedstrijdverloop zonder onderbrekingen mogelijk te maken.
  3. Een onvolledig team kan een wedstrijd spelen. De ontbrekende speler wordt geacht al zijn darts buiten het dartsbord te hebben geworpen. Een wedstrijd kan alleen gespeeld worden door een team dat uit tenminste drie spelers bestaat.
  4. In het geval dat een team voor een vastgestelde wedstrijd niet of niet op tijd aanwezig was, wordt voor de strafmaat verwezen naar artikel 15 lid g van het tuchtreglement.

ARTIKEL 15 – SCHEIDSRECHTER / WEDSTRIJDOFFICIAL

  1. Het opschrijven van de score wordt uitgevoerd door één of meerdere scheidsrechters, aangeduid na overleg door de captains.
  2. Het bestuur kan neutrale scheidsrechters aanduiden conform het reglement van wedstrijdofficials waarmee het gestelde in lid 1 komt te vervallen.
  3. Tijdens het werpen blijft de scheidsrechter onbeweeglijk staan. Hij mag geen aanwijzingen geven.
  4. Slechts op verzoek van de speler die aan de beurt is, mag de scheidsrechter mededelen hoeveel punten gescoord zijn met één of meerdere darts, maar dient niet mede te delen hoeveel punten er nog gescoord moeten worden.
  5. De score mag pas geschreven worden nadat de speler zijn drie darts heeft geworpen.
  6. De darts mogen pas uit het bord worden genomen nadat de score is genoteerd.
  7. Nadat de volgende speler zijn eerste darts heeft geworpen, is geen beroep op de score meer mogelijk. Evenmin is op de behaalde score beroep mogelijk nadat de darts uit het dartsbord zijn verwijderd.
  8. De scheidsrechter let op het correct houden van de werpafstand. Indien een speler na één waarschuwing niet aan de officiële werpafstand houdt, verwijzen we naar tuchtreglement artikel 15 Lid j.

ARTIKEL 16 – COMPETITIE WEDSTRIJD

  1. Een wedstrijd bestaat uit een aantal partijen, te weten:
    a.   1 x b/o 9, 501 gehele team Round Robin open start dubbel uit
    4 x b/o 5, 501 individueel open start dubbel uit
    4 x b/o 5, 701 paren open start dubbel uit

    b.   4 x b/o 5, 501 individueel open start dubbel uit
    4 x b/o 5, 701 paren open start dubbel uit
    1 X b/o 1, 1001 gehele team open start dubbel uit

    c.   4 x b/o 5, 501 individueel open start dubbel uit
    4 x b/o 5, 501 paren open start dubbel uit
    1 x b/o 1, 1001 gehele team open start dubbel uit

    d.   4 x b/o 5, 501 individueel open start dubbel uit
    4 x b/o 3, 501 paren open start dubbel uit
    1 x b/o 1, 1001 gehele team open start dubbel uit

    e.   4 x b/o 3, 501 individueel open start dubbel uit
    4 x b/o 3, 501 paren open start dubbel uit
    1 x b/o 1, 1001 gehele team open start dubbel uit

  2. Voor de divisies in de seniorencompetitie geldt:
    a.   eredivisie speelt het speltype genoemd onder lid 1, sub a.
    b.   eerste divisie speelt het speltype genoemd onder lid 1, sub b.
    c.   tweede en derde divisie spelen het speltype genoemd onder lid 1, sub c.
    d.   vierde divisie speelt het speltype genoemd onder lid 1, sub d.
    e.   vijfde en lagere divisies spelen het speltype genoemd onder lid 1, sub e.
  3. De junioren en aspiranten spelen het speltype zoals dat door het bestuur wordt vastgesteld.
  4. a.    Voor de eredivisie geldt:
    Het uitspelende team begint de oneven partijen in de Round Robin. Voor de overige partijen geldt lid b van dit artikel.

    b.    Voor de overige divisies geldt:
    Het uitspelende team begint de 1e, 3e, 5e, 7e en 9e partij.
    Het thuisspelende team begint de 2e , 4e, 6e en 8e partij. De speler die de partij begint, begint de 1e en eventueel 3e leg. De tegenstander begint de 2e en eventueel 4e leg.
    Bij een gelijke stand wordt door middel van het gooien op de bull bepaalt wie de beslissende leg mag beginnen. Dit geldt ook voor de negende leg van de Round Robin (eredivisie). Met uitzondering van de teamronde als deze slechts uit 1 leg bestaat.

  5. Voor aanvang van de wedstrijd bepalen de captains de volgorde van de spelers waarin zij hun individuele partijen spelen. Dit doen zij onafhankelijk van elkaar. In de eredivisie bepalen de captains bovendien ook onafhankelijk van elkaar de volgorde van de spelers voor de Round Robin en daarna van de individuele partijen.
  6. Wanneer er met paren gespeeld wordt, bij de speltypen genoemd onder lid 1. sub a, b, c en d speelt elk paar van het thuis spelende team tegen elk paar van het bezoekende team. Het paar van het bezoekende team blijft na afloop van de 2e partij staan (wel mag er één van de twee spelers vervangen worden indien dit nog niet is gebeurd).
  7. Bij het spelen met het gehele team mag de captain de volgorde van zijn spelers veranderen.
    Deze nieuwe volgorde wordt op het scorebord opgeschreven.
  8. a.  De volgorde van de partijen voor de onder lid 1. sub a genoemde speltype is:
    – de Round Robin partij;
    – individuele partijen;
    – de partijen met paren.
    b.  De volgorde van de partijen voor de onder lid 1. sub b, c, d en e genoemde speltypen is:
    – individuele partijen;
    – de partijen met paren;
    – de partij met het gehele team.
  9. a.  Bij partijen die met een open start worden begonnen, tellen direct alle gescoorde punten.
    b.  Alle partijen die eindigen met een dubbel, eindigen wanneer met het werpen van een dubbel precies 0 is bereikt. Is het aantal gescoorde punten hoger dan nodig om de partij te eindigen, of houdt men 1 punt over, dan blijft het aantal punten op het scorebord ongewijzigd.
    c.  Gooit men nog een dart nadat er met de eerste of tweede dart meer punten zijn gegooid dan dat er punten op het scorebord staan (nagooien) wordt bestraft volgens artikel 16 lid e van het tuchtreglement.
  10. Voor elke gewonnen partij ontvangt het team een wedstrijdpunt.

ARTIKEL 17 – WEDSTRIJDFORMULIEREN

  1. Alleen de door de DBMN uit te geven wedstrijdformulieren zijn geldig.
  2. Beide captains moeten voor aanvang van de wedstrijd de namen en registratienummers van de spelers op beide wedstrijdformulieren invullen. Bij onvolledige of onjuiste invulling van deze formulieren, verwijzen we naar artikel 15 lid p van het tuchtreglement.
  3. Aan het eind van de wedstrijd wordt de uitslag op de wedstrijdformulieren ingevuld, onderling gecontroleerd op juistheid en onderlinge overeenkomst en voorzien van de handtekening van beide captains.
  4. De scheidsrechter, indien aanwezig, dient eveneens zijn handtekening op de wedstrijdformulieren te zetten.
  5. Competitie en Beker wedstrijdformulieren dienen uiterlijk op de maandag om 18:00 uur na de speeldatum ingevoerd te zijn in het online wedstrijdregistratiesysteem (www.dbmn.nl), waar toe alle captains aan het begin van het seizoen toegang verkrijgen via een aan hen verstrekte code.
  6. Deze ingevoerde formulieren worden gecontroleerd door een door het bestuur aan te wijzen persoon.
  7. Op het wedstrijdformulier kunnen op- en aanmerkingen van ter zake doende aard vermeld worden, zoals: hoogste score (180), hoogste finish en op- en/of aanmerkingen aangaande de bepalingen in artikel 10 en het tuchtreglement, maar ook het tegenstrijdig handelen met artikelen in het wedstrijd- en of tuchtreglement.

ARTIKEL 18 – KAMPIOEN

  1.  Het team dat in zijn poule het hoogste aantal wedstrijdpunten heeft behaald, is kampioen van die poule. Door het behalen van het kampioenschap in de poule verplicht het team zich deel te nemen aan de divisiekampioenschappen. Mocht het team verhinderd zijn en zich niet uiterlijk 12 uur voor aanvang van het kampioenschap afmelden, wordt hen de promotie ontnomen en zal de promotieplaats aan de eerst volgende in de eindstand verleend worden.
  2. Indien in één poule twee of meer teams het hoogste aantal wedstrijdpunten hebben gehaald, bepaalt het aantal gewonnen wedstrijden wie de kampioen is, is deze gelijk dan onderlinge resultaat, als dat gelijk is wordt tussen deze teams een beslissende competitie georganiseerd. Het team dat hierin het hoogste aantal wedstrijdpunten heeft behaald is winnaar van die divisie. Indien nu opnieuw twee of meer teams het hoogste aantal wedstrijdpunten hebben gehaald, wordt een tweede beslissingswedstrijd op neutraal terrein georganiseerd.
  3. De uiteindelijke kampioen in elke divisie wordt bepaald aan de hand van de wedstrijden tussen de poulewinnaars (divisiekampioenschappen).
  4. Het team dat in elke divisie van de DBMN-kampioen is geworden, zal met de kampioenen van andere bonden uit maken wie er kampioen van Nederland wordt, indien zulk een kampioenschap georganiseerd wordt door de Nederlandse Darts Bond.
  5. Alle wedstrijden welke eventueel noodzakelijk zijn naar aanleiding van het hierboven beschreven artikel, worden als officiële competitiewedstrijden beschouwd.

ARTIKEL 19 – STRAFBEPALINGEN

  1. De DBMN heeft haar strafbepalingen vastgelegd in het tuchtreglement welk is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering.
  2. De secretaris bewaart een afschrift van elke uitspraak gedurende vijf jaar.

ARTIKEL 20 – ORGANISATIE VAN DE TOERNOOIEN

  1. Het bestuur kan een toernooicommissie benoemen die bestaat uit een voorzitter en twee of meer leden.
  2. De toernooicommissie of toernooileider stelt het wedstrijdschema vast en verzamelt de uitslagen van de wedstrijden en maakt hiervan een rangschikking.

ARTIKEL 21 – BEKERTOERNOOIEN

  1. Ieder jaar organiseert de DBMN één of meerdere bekertoernooien die worden afgesloten met een finalewedstrijd.
  2. Aan deze toernooien nemen uitsluitend bij de DBMN geregistreerde teams deel, zoals deze omschreven staan in artikel 4 lid 1.
  3. De inschrijving is een gevolg van aanmelding voor de officiële competitie.
  4. De loting van de eerste ronde vindt plaats tijdens de competitie indeling door de wedstrijdofficials van de DBMN
  5. Gespeeld wordt volgens het knock-out systeem.
  6. De verliezers van de eerste ronde hebben de mogelijkheid zich in te schrijven voor het tweede bekertoernooi.
  7. De overige wedstrijdbepalingen worden jaarlijks voorafgaand aan het seizoen vastgesteld. Dit aanvullende reglement wordt aan de captains uitgereikt.

ARTIKEL 22 – OVERIGE TOERNOOIEN

  1. Naast de in artikel 21 genoemde toernooien kan de DBMN nog een aantal toernooien organiseren.
  2. De reglementen van de in lid 1 genoemde toernooien zullen afzonderlijk door de toernooicommissie worden vastgesteld.

ARTIKEL 23 – LOCATIEBEPALING

  1. Een team wat zich inschrijft voor deelname aan de competitie, zoals beschreven in artikel 4, dient zich met betrekking tot de door hen gekozen thuisspeelgelegenheid op de hoogte te stellen van het feit of er sprake is van een ontzegging van de toegang tot deze gelegenheid, opgelegd aan personen die lid zijn van de DBMN. Ook indien er ontzegging gedurende het seizoen gebeurt, dit per ommegaande aan de DBMN gemeld te worden.
  2. Tevens dient te worden onderzocht of er sprake is van huisregels, zoals op het gebied van roken, kleding, gedrag, tatoeages e.d., die het voor een bezoekend team onmogelijk maken om op een voor hen gebruikelijke wijze aan de competitie deel te nemen.
  3. Indien er sprake is van een situatie zoals gesteld in lid 1 en 2, dan dient hiervan melding te worden gemaakt op het inschrijfformulier.
  4. Zodra blijkt dat een bezoekend team gedupeerd kan worden door een situatie zoals gesteld in lid 1 en 2 dient er te worden uitgeweken naar een andere speelgelegenheid. Hiervan dient de wedstrijdleider onmiddellijk op de hoogte te worden gesteld, ook indien de wedstrijd wordt gespeeld op een andere datum, dan de volgens het wedstrijdschema vastgestelde datum.
  5. Indien de ontzegging van de toegang tot een speelgelegenheid is voortgekomen uit misdragingen tijdens eerdere dartswedstrijden, dan gaat de DBMN ervan uit dat deze misdragingen via de gangbare kanalen zijn gemeld aan de wedstrijdleiding en dat dit heeft geleid tot een zaak die behandeld is, of nog behandeld wordt door de tuchtcommissie of, ingeval van beroep, de commissie van beroep.
  6. Alle betrokken partijen respecteren de uitspraak van de tuchtcommissie of van de commissie van beroep met betrekking tot straf en strafmaat.
  7. De DBMN draagt zorg voor het kenbaar maken van belemmerende omstandigheden in locaties.

ARTIKEL 24 – INDIVIDUELE EN TEAMRATING VAN NIEUWE TEAMS

  1. De DBMN bepaalt aan de hand van een nader omschreven methode een individuele rating, aan de hand waarvan vervolgens een teamrating kan worden berekend. De betreffende methode kan o.a. door voortschrijdend inzicht aan wijzigingen onderhevig zijn, maar zal jaarlijks voorafgaand aan de competitie worden gepubliceerd.
  2. De in lid 1 bedoelde teamrating kan door de DBMN gebruikt worden om teams die zich inschrijven en geen rechten op een divisieplek hebben verworven in het voorgaande seizoen, in een divisie in te delen die afwijkt van de standaard divisie voor nieuwe teams.
  3. Bij toepassing van lid 2 wordt het volgende in acht genomen:
    a.  Hoger indelen van teams kan alleen indien er plekken beschikbaar gekomen zijn door teams die niet meer inschrijven of uit de competitie genomen zijn.
    b.  Teams moeten bij inschrijving aangeven in aanmerking te willen komen voor deze regeling.
    c.  Indeling van een team in een hogere divisie kan alleen geschieden in de 3e divisie of lager, waarbij de in lid 1 bedoelde teamrating en methode van toepassing zijn.

ARTIKEL 25 – SLOTBEPALINGEN

In alle gevallen waarin deze artikelen niet voorzien, beslist het bestuur berustend op oordeel van reglementen opgesteld door nationale- en internationale reglementen van overkoepelende organisaties alsmede de Nederlandse wetgeving.